Nieuws

Mestkanalen spoelen en het verdunnen van mest blijken effectief

Gepubliceerd op
21 december 2021

Varkenshouders die de uitstoot van ammoniak, methaan en geuroverlast willen verminderen, kunnen allerlei innovatieve stalconcepten en nieuwe technieken inzetten die voorkomen dat deze stoffen ontstaan. Ook zijn zogeheten ‘nageschakelde technieken’ mogelijk, zoals luchtwassers en filters. Maar al die techniek is behoorlijk prijzig en brongerichte maatregelen hebben vanwege bijkomende voordelen de voorkeur. Brongerichte maatregelen moeten dan wel zijn bewezen en toegestaan. Daarom is het van belang om te onderzoeken wat het effect is van vrij eenvoudige oplossingen zoals frequent spoelen. Dat kan met water, met een spoelvloeistof gemaakt uit mest, of met de mest zelf. Zo kan het voor veel varkenshouders haalbaar worden, om ammoniak-, methaan- en geuremissie bij de bron te reduceren.

Dagontmesting

Het effect van dagelijks spoelen wordt onderzocht bij de Stal van de Toekomst in Valkenswaard. Daar hebben de onderzoekers gekeken naar het effect van het dagelijks mest verwijderen uit de stal (dagontmesting), het frequent spoelen van het mestkanaal met verse mest, en de invloed van verdunnen met water. Ook verkleining van het oppervlak van waaruit ammoniak kan worden uitgestoten door schuine putwanden in de mestgoot, en de effecten van ofwel meer dichte vloeren of juist meer roostervloeren, zijn meegenomen in het onderzoek. Koeling van de mest en het sproeien van schuine wanden zijn nader onderzocht en de resultaten daarvan worden binnenkort geëvalueerd. Belangrijke afwegingen daarbij zijn naast praktische en economische consequenties ook de discussie in hoeverre maatregelen afwenteling op andere thema’s tot gevolg kunnen hebben.

Weergave proefstal Stal van de Toekomst (locatie Valkenswaard)
Weergave proefstal Stal van de Toekomst (locatie Valkenswaard)

Hokbevuiling

Uit de voorlopige resultaten bij de Stal van de toekomst blijkt dat de vermindering van de methaanuitstoot voldeed aan de verwachtingen. Vooral door dagontmesting noteerde de proefstal tot bijna 90 procent lagere uitstoot van methaan, vergeleken met een controlestal die vergelijkbaar was met stallen op een gemiddeld gangbaar bedrijf. De vermindering van de uitstoot van ammoniak treedt ook op, waarbij er wel een duidelijke link wordt gemeten met hokbevuiling. Voor het functioneren van het waterkanaal is gebleken dat er wel voldoende water moet worden toegepast. Het beperken van hokbevuiling en voldoende water in het waterkanaal zijn dus van belang om goede resultaten te behalen. De ontwikkelaars van het stalsysteem zijn positief over de inzichten en tussentijdse resultaten. De metingen aan het geoptimaliseerde stalsysteem worden komende tijd doorgezet om eenduidige resultaten te kunnen presenteren.

Hokbevuiling is een factor waarop de varkenshouder direct invloed kan uitoefenen door de keuze van vloeren maar ook door gerichte voermaatregelen zodat mogelijk de inzet van geautomatiseerde schoonmaakapparatuur voorkomen kan worden. Echter mogen al die maatregelen onvoldoende zijn. Zo onderzocht WLR nieuwe technieken om zo snel mogelijk mest en urine te scheiden. Via gecoate en vloeistofdichte vloerplaten met afschot vloeit de urine weg. Punt van nader onderzoek is hoe dit systeem werkt met ietwat ingedroogde mest, omdat dit de praktijk is waarmee varkenshouders meestal te maken hebben.

Kosten en baten

Varkenshouders verdunnen mest liever niet met water, aangezien hierdoor het mestvolume en daarmee de kosten voor de afzet van deze mest stijgt. Om de gewenste ammoniakreductie door verdunning toch goed te realiseren en de varkenshouder hierin te faciliteren, is automatisering van de stalsystemen een optie, waarbij vanzelf de juiste hoeveelheid water (en dus niet teveel) wordt toegediend. Sommige experts pleiten ervoor om bij een brongerichte aanpak in stallen het koelen van de mest op te nemen, omdat hogere temperaturen tot aanzienlijke toename van ammoniakemissies leidt. Voor beide maatregelen (verdunnen en koelen) is het zaak om de kosten en baten van de varkenshouder en de maatschappij goed af te wegen. Er is veel mogelijk, maar de ondernemers moeten worden gesteund bij het dragen van de kosten om de maatschappelijke meerwaarde te realiseren. Uit de tussentijdse resultaten bij Stal van de Toekomst blijkt overigens een kostenvoordeel door een betere luchtkwaliteit in de stal. De varkens hebben minder luchtwegproblemen, waardoor minder antibiotica nodig is en de dieren beter groeien, waardoor het rendement op de bedrijven aanzienlijk verbeterd kan worden

Mestvloeistof

Agrifirm heeft bij een proefstal in Wanroij ingezet op het frequent spoelen van de mestkanalen met een ammoniakarme vloeistof. In eerste instantie hebben de onderzoekers het effect aangetoond van water als spoelvloeistof. Vervolgens zijn de technieken geïnstalleerd die van mest een ammoniakarme vloeistof kan maken, dat in plaats van water als spoelvloeistof kan worden gebruikt. Hiervoor werd de mest eerst gescheiden, vervolgens werd de dunne fractie in een stripper gebracht om de ammoniak te verwijderen. Hierdoor ontstaat ammoniakgas dat wordt afgevangen met een luchtwasser. Bijkomend voordeel is, dat in de stripper ook water verdampt waardoor het mestvolume en daarmee de transportkosten dalen. Een tweede voordeel is dat de stikstof die in de wasser wordt opgevangen, als kunstmestvervanger dienst kan doen (RENURE).

Voorlopige metingen

Op stalniveau verminderde de methaanemissie door het spoelen met een ammoniakarme vloeistof. De geur nam substantieel af, terwijl de ammoniakreductie wat bleef steken, waar dat met water toch nog een hogere reductie opleverde. Dat met de gestripte mestvloeistof de reductie tegenviel komt omdat na het strippen nog te veel ammonium in de spoelvloeistof zat, dit vergt nog een optimalisatieslag. De tussentijdse metingen tonen aan dat preventieve maatregelen de uitstoot van ammoniak aanzienlijk verlagen. Als vervolgens het probleem van hokbevuiling goed kan worden aangepakt, zetten de varkenshouders een goede vervolgstap in hun ambitie om maatschappelijke meerwaarde te realiseren.

Samen investeren

Het dagelijks spoelen of verdunnen van mest kan effectief en kostenvriendelijk zijn, mits goed uitgevoerd. Hokbevuiling dient te worden voorkomen. De brongerichte aanpak door middel van spoelen helpt de varkenshouder in het halen van de ambities om de emissie van broeikasgassen en geuroverlast te verminderen. Investeren in verduurzaming kunnen varkenshouders alleen in samenwerking met andere schakels in de keten. Daarom gaat het onderzoek van Integraal Aanpakken door, waarbij ook de betaalbaarheid van de investeringen aandacht krijgt. Een idee daarbij is om te kijken of de methaanreductie beloond kan worden.

Wageningen Livestock Research (WLR) onderzoekt samen met diverse partners hoe varkenshouders via stal- en mesttechnieken kunnen bijdragen aan het verbeteren van de bedrijfsvoering en het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen en ammoniak. Hiermee draagt de varkenshouderij bij aan de taakstelling voor de Nederlandse veehouderij vanuit het Nationaal Klimaatakkoord. Deze taakstelling voorziet in een reductie van de emissies in 2030 met 1,2 tot 2,7 megaton CO2-equivalenten. Het onderzoek wordt gefinancierd door het ministerie van LNV en richt zich op aanpassingen die varkenshouders, hun toeleveranciers en afnemers kunnen doen om de uitstoot van ammoniak en methaan te verminderen. Hierbij komt de integrale keten van dierlijke productie in beeld: van voerproductie, diermanagement, stalsystemen en mestopslag en -bewerking.